Jij vroeg mij,....
Blijf je schijnen aan het einde van deze donkere tunnel?
...'ja mijn liefste,...ik hou van jou!
Blijf je bij me, als ik niet meer zou kunnen?
...'ja mijn liefste,...ik hou van jou!
En als het regent guur en koud is?
...'ja mijn liefste,...ik hou van jou!
En als de zon de dag vergeet te groeten,
en de maan niet wekken wil?
Als de mist zijn kille deken spreit,
en ons adem doet verstokken?
Als de storm zijn wanhoop strooid,
op onbekende plekken?
Elke keer opnieuw vroeg jij mij,...
En mijn antwoord altijd stellig,...
Ja!!!
Maar nu ik,...
Nu het kil is en zo donker, zo leeg en vaak zo eenzaam koud,
ben jij er niet om mij te helpen, nu die donkere tunnel niet voor mij ophoud!
Ik bid, ik schreeuw, ik huil, ik smeek,...
Ik gil, ik uit, ik ben stil, ik spreek.
Ik mopper, ik verstop, ik zwijg, ik zucht,
Ik heb lief, ik haat, ik kom naar buiten, ik vlucht.
Ik heb belooft,... ik heb belooft,.......belooft!
Ja,...
Ik blijf schijnen,......
Tot straks mijn moppie lief lief moppie lief,
daar waar ik jou zou strelen, jij levens dief.
Nu zal ik dragen waarvoor jij vluchte in de dood,
ik zal vechten sterk zijn, machtig en groot!
Voor jou, voor onze jongen, voor mijn eigen ik,...
Totdat,... ik mag rusten,...
Opnieuw in jouw armen.....